Contact Veilig Thuis Flevoland
Tel: 088 222 05 00
E-mail: info@veiligthuisflevoland.nl
Bij direct gevaar bel 112!
Werk je met kinderen, jongeren, ouderen of gezinnen en heb je zorgen over hun veiligheid? Op deze pagina vind je alle informatie die je nodig hebt om tijdig en zorgvuldig te handelen. Van advies en melden tot handvatten voor het voeren van gesprekken. Veilig Thuis Flevoland staat naast je bij het signaleren en aanpakken van huiselijk geweld en kindermishandeling. Samen zorgen we voor een veilige omgeving voor iedereen.
Wil je advies of iemand spreken die met je meedenkt en meekijkt of je het juiste doet? Bel naar ons directe telefoonnummer 088-222 05 00. De naam van degene over wie je belt, hoeven we bij een adviesgesprek niet te weten. Je adviesvraag wordt namelijk op jouw naam geregistreerd in ons systeem. Het staat je als professional vrij om advies te vragen en collegiaal overleg te voeren, zonder dat je jouw cliënt/patiënt/leerling hierover hoeft te informeren.
Als professional heb je de verantwoordelijkheid om te zorgen dat hulp op gang komt. Daarbij gebruik je de Meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling. De meldcode is een overzichtelijk vijfstappenplan, waarin staat wat van jou als professional wordt verwacht als je vermoedens hebt van huiselijk geweld of kindermishandeling. Sinds de invoering van deze meldcode, werkt jouw beroepsgroep met een eigen afwegingskader. Dit afwegingskader beschrijft wanneer een melding noodzakelijk is en hoe goede hulp eruit ziet. De afwegingskaders van alle beroepsgroepen vind je in de Toolkit meldcode.
Stap 1: Breng signalen in kaart
Breng de signalen in kaart die een vermoeden van huiselijk geweld of kindermishandeling bevestigen of ontkrachten en leg deze vast. Beschrijf de signalen zo feitelijk mogelijk. Je kunt hierbij gebruik maken van bijvoorbeeld de signalenkaart op signalenkaart.nl.
Doe de kind-check. Vraag bij volwassen cliënten/patiënten altijd na of er minderjarige kinderen aan hun zorg zijn toevertrouwd en ga na of deze kinderen veilig zijn: de kindcheck.
Stap 2: Overleg met een deskundige collega of Veilig Thuis
Bespreek met een deskundige collega of met Veilig Thuis je zorgen en vermoedens, bevindingen en eventueel waargenomen letsel.
Denk je dat er sprake kan zijn van eer gerelateerd geweld, huwelijksdwang, seksueel geweld of meisjesbesnijdenis? Neem dan altijd contact op met Veilig Thuis!
In deze fase kan Veilig Thuis advies geven. Samen bekijken we of je zorgen terecht lijken en wat de vervolgstappen kunnen zijn. Als er sprake is van letsel, kun je advies vragen aan één van onze vertrouwensartsen. In deze fase is er (meestal) nog geen sprake van een melding en legt Veilig Thuis geen persoonsgegevens van betrokkenen vast.
Stap 3: Praat met de directbetrokkenen (kind, ouders, verzorgers)
Als wij spreken van ‘directbetrokkenen’, dan bedoelen wij de personen die direct zijn betrokken bij het (vermoeden van) huiselijk geweld en/of kindermishandeling.
Naast degenen die dit geweld (vermoedelijk) begaan of ondergaan, kunnen ook andere leden van het huishouden directbetrokkene zijn. Dat is vaak het geval. Dat kan ook in de situatie dat zij op enige afstand staan, zoals: ex-partners, huisvrienden, of kinderen die bij de andere ouder wonen.
Ouders die met gezag zijn belast, zijn altijd direct betrokkene als hun minderjarige kind dat is. Kortom: omdat het gaat om verbanden binnen de huiselijke kring, wegen we in iedere situatie zorgvuldig af wie de directbetrokkenen zijn.
Het is vaak moeilijk om het gesprek aan te gaan over huiselijk geweld of kindermishandeling. Verderop vind je tips hoe je dit kunt doen. Je kunt ook contact opnemen met een van onze medewerkers voor advies en ondersteuning.
Soms is het lastig of niet mogelijk om alle directbetrokkenen te spreken, wat dan?
Als uitgangspunt geldt dat je je passend moet inspannen om de betrokkenen te spreken over jouw zorgen. Wat passend is, dat verschilt per situatie. Daarover kan Veilig Thuis je adviseren.
Wat kun je doen als het gesprek mogelijk een bedreiging vormt voor je veiligheid, of die van een collega of direct betrokkene? Alleen als dit risico aannemelijk is op grond van feiten of concrete omstandigheden, dan mag je Stap 3 overslaan.
Een goede onderbouwing is belangrijk. Betrek Veilig Thuis bij het afwegen van de betrokken belangen.
Als je overweegt om niet alle directbetrokkenen te spreken, neem dan éérst contact op met Veilig Thuis om de situatie te bespreken.
Stap 4: Weeg aard, ernst en risico
Weeg de aard, de ernst en het risico op kindermishandeling en huiselijk geweld. Dit doe je op basis van de signalen, het advies en het gesprek met je cliënt of patiënt. Gebruik hierbij het afwegingskader van je beroepsgroep. Vraag bij twijfel advies aan Veilig Thuis.
Als er sprake is van een reële kans op letsel/schade: doe een melding bij Veilig Thuis.
Je kunt in de Toolkit meldcode de afwegingskaders van alle beroepsgroepen vinden.
Stap 5: Beslis: Is melden nodig? Is hulpverlening nodig?
Heb je de indruk dat de situatie acuut of structureel onveilig is? Dan doe je een melding bij Veilig Thuis en beslis je samen welke hulp je kunt organiseren.
Ook als iemand je zelf vertelt dat hij of zij te maken heeft met huiselijk geweld of kindermishandeling, doe je altijd melding bij Veilig Thuis.
Bespreek je melding eerst met je cliënt (vanaf 12 jaar) of met de ouder (als je cliënt nog geen 16 jaar oud is).
Cliënt heeft bezwaar?
Heeft je cliënt bezwaar tegen de melding? Weeg de bezwaren af tegen de noodzaak om de veiligheid van je cliënt en diens gezinsleden te borgen. Meld dan je zorgen bij Veilig Thuis en overleg wat je na de melding zelf nog kunt doen om je cliënt en zijn gezinsleden te blijven ondersteunen.
Meer informatie over de meldcode vind je op de volgende sites:
Als je alle stappen gezet hebt en duidelijk is dat melden nodig is, dan kun je dit doen met het online meldingsformulier. Klik hier voor de handleiding.
Zorg dat je de gegevens van de directbetrokkenen (achternaam, geboortedatum, adresgegevens en/of BSN) bij de hand hebt wanneer je het meldformulier gaat invullen. Verzamel tevens voordat je het meldformulier opent relevante informatie over de situatie.
Let op, het online meldformulier dien je in één keer in te vullen en in te sturen. Het kan niet tussentijds opgeslagen worden en je moet de aanmelding binnen 4 uur afronden.
Wanneer je de melding wil voorbereiden of eerst wil overleggen binnen je organisatie, dan kun je het voorbeeldformat bekijken. Hierin staan alle vragen die ook in het online meldformulier staan. Dit document kun je niet gebruiken om mee te melden.
Veilig Thuis verzamelt en verbindt meldingen en signalen van huiselijk geweld of kindermishandeling. Want vaak gaat het niet om één incident, maar om een patroon dat pas zichtbaar wordt als meerdere signalen samenkomen. Elk signaal kan het ontbrekende puzzelstukje zijn dat nodig is om het veilig te maken.
Het is daarom van belang dat ernstige signalen en vermoedens van ernstig huiselijk geweld en kindermishandeling altijd worden gemeld. Zodat Veilig Thuis deze nu en in de toekomst kan combineren met andere signalen. Dan ontstaat een duidelijk beeld van de situatie en raakt niemand uit beeld.
Lees meer over de radarfunctie van Veilig Thuis op de landelijke website.
Heb je een vermoeden van of is er aanleiding om aan te nemen dat er sprake is van huiselijk geweld of kindermishandeling? Probeer het gesprek aan te gaan. Hieronder kun je lezen hoe je dat aan kunt pakken.
Aandacht hebben en luisteren
Het is moeilijk om te praten over huiselijk geweld. Gevoelens van schaamte en angst bij slachtoffers, plegers en overige leden van het gezin spelen een belangrijke rol. Aandacht en jouw luisterend oor zorgen ervoor dat mensen zich veilig voelen om hun verhaal te doen.
Informatiemateriaal, zoals folders en posters in een wachtkamer of een centrale ruimte, kunnen de drempel verlagen om over de problemen thuis te praten.
Veel slachtoffers wachten lang voordat zij hulp zoeken en accepteren. Hier een aantal argumenten die je kunt gebruiken om hen te overtuigen toch hulp te zoeken:
Transparantie
Leg de cliënt/patiënt uit wat je gaat doen en waarom je dit gaat doen. Breng dit in direct verband met jouw zorgen! ‘Omdat ik me zorgen maak over… ben ik van plan om’. Vraag om een reactie: ‘Wat vind je ervan dat ik…’
In geval van een negatieve reactie:
Vragen stellen
Vaak zullen cliënten/patiënten pas met je in gesprek gaan over problemen en eventueel geweld in huiselijke kring als je er rechtstreeks naar vraagt. Als je een gesprek hebt, stel dan vragen om het probleem helder te krijgen.
Vertrouwelijk gesprek
Als je een vertrouwelijk gesprek hebt met een cliënt, informeer deze dan:
We bieden voorlichting aan voor alle professionals die in hun werk (mogelijk) te maken krijgen met (vermoedens van) huiselijk geweld of kindermishandeling.
Wil je als professional meer weten over Veilig Thuis? Heb je bijvoorbeeld een vraag over wat er gebeurt na een melding? Of wil je meer weten over de adviesrol van Veilig Thuis? Veilig Thuis geeft hierover voorlichting.
Wil jij graag een voorlichting van Veilig Thuis plannen bij jouw organisatie? Neem contact met ons op via e-mail info@veiligthuisflevoland.nl of bel ons op 088 222 05 00.
In iedere klas heeft gemiddeld één kind te maken (gehad) met kindermishandeling. Vaak speelt er niet alleen iets bij het kind, maar hebben ouders zelf iets aangrijpends meegemaakt.
Als school heb je een signaleringsfunctie. Als leerkracht, intern begeleider of schoolleider ben je heel belangrijk voor de kinderen. Je ziet ze bijna iedere dag. Daarom ben je iemand die kan opmerken dat het thuis niet goed gaat. Je kunt als school echt het verschil maken voor een kind en de ouders!
Samenwerking met scholen
Daarnaast is het onderwijs voor Veilig Thuis een belangrijke samenwerkingspartner in het herstel van leerlingen die te maken hebben (gehad) met huiselijk geweld of kindermishandeling. De school kan zicht houden of gewerkt wordt aan herstel van veiligheid.
Wat kunnen scholen verwachten van Veilig Thuis in de samenwerking bij kindgesprekken op school en als scholen worden benaderd als informant?
Kindgesprek op school
Wat doet Veilig Thuis?
Als we een kindgesprek op school willen voeren, nemen we contact op met de Intern Begeleider (IB’er), ondersteuningscoördinator (OCO) of Zorgcoördinator (ZOCO). We bespreken:
De school beslist uiteindelijk of het gesprek op school kan plaatsvinden. Als dat niet mogelijk is, zoeken we samen naar een andere oplossing.
Wat vragen we van de school?
Na het gesprek
School als informant
Wat doet Veilig Thuis?
Als Veilig Thuis de school om informatie vraagt, informeren we eerst de ouders en kinderen (12+) over ons plan. Als zij bezwaren hebben, bespreken we dit en maken we een afweging.
Daarna nemen we contact op met de IB’er, OCO of ZOCO van de school. We leggen uit:
Hoe wordt informatie gedeeld?
De school kan op twee manieren informatie met ons delen:
Per e-mail:
Telefonisch:
Als de school meer tijd nodig heeft, kan dit altijd in overleg.
Wat als de informatie niet duidelijk is?
Als iets onduidelijk is in de ontvangen informatie, nemen we contact op met de school voor uitleg. We maken daarna een aangepast verslag, dat we opnieuw laten goedkeuren per mail.
Wat gebeurt er na het onderzoek?
Aan het einde van het proces informeert Veilig Thuis de school:
Samenwerking in het belang van het kind
Samenwerken is voor ons het belangrijkste. Verloopt de samenwerking niet volgens dit informatiedocument. Neem gerust contact met Veilig Thuis via info@veiligthuisflevoland.nl. Bij aanhoudende zorgen of vragen over onze werkwijze staan we open voor overleg. Samen zorgen we ervoor dat het kind de juiste steun en bescherming krijgt.
Achtergrondinformatie
School als informant tijdens Vervolgdiensten
Veilig Thuis heeft volgens de Wet Maatschappelijke Ondersteuning (Wmo) de taak om huiselijk geweld en kindermishandeling te stoppen en passende hulp te bieden. Om dit goed te doen, hebben we informatie nodig van professionals in het netwerk van een kind, zoals de school. Scholen spelen een belangrijke rol, omdat zij kinderen bijna dagelijks zien en vaak ook contact hebben met ouders.
Waarom vraagt Veilig Thuis informatie aan de school?
Om de ernst en aard van de situatie goed te beoordelen, vraagt Veilig Thuis soms informatie aan de school. Deze informatie moet gaan over huiselijk geweld of kindermishandeling. De school bepaalt zelf welke informatie zij met Veilig Thuis deelt.
Wat kun je doen bij aanhoudende zorgen?
Als er na het afsluiten van een casus of tijdens een vervolgdienst zorgen blijven bestaan, vragen we de school:
Waar spreken we met een kind?
Een gesprek met een kind kan plaatsvinden:
De locatie hangt af van:
Waarom een kindgesprek op school?
Soms is het nodig om een kind op school te spreken. Bijvoorbeeld:
De algemene werkwijze van Veilig Thuis is vastgelegd in het Handelingsprotocol van Veilig Thuis.
Meer informatie over onze werkwijze in Flevoland vind je op de pagina Werkwijze Veilig Thuis Flevoland.